logo

Contactinformatie

Kokermolen 11, 3994 DG Houten
Postbus 331, 3990 GC Houten

Tel: 030 - 6355250
E-mail: info@szpluimvee.nl

 
 

Noodplan

Noodplan

Soms zijn er binnen Nederlandse pluimveebedrijven uitbraken van ziekte onder het pluimvee die extra aandacht vragen. Bij een uitbraak van een mogelijk gevaarlijke (ofwel ‘hoog pathogene’) infectieziekte op een pluimveebedrijf in Nederland zijn er meerdere instanties die zich daarmee bezighouden. Voor de pluimveeverwerkende bedrijven is het van belang om te weten dat deze uitbraken in principe altijd op het betreffende pluimveebedrijf worden afgehandeld. Bij bijvoorbeeld een uitbraak van vogelgriep zullen zieke dieren, vanwege de intensieve monitoring en ruiming op bedrijven, de slachtlijn niet bereiken. Wel leiden ziekte uitbraken onder dieren in pluimveebedrijven ook binnen pluimveeverwerkende bedrijven tot veel vragen (en onrust) bij medewerkers. Een goede communicatie is op dat moment van belang. Omdat zieke dieren de slachtlijn niet zullen bereiken zijn de extra risico’s voor medewerkers in de pluimveeverwerkende industrie meestal zeer zeldzaam.

Er is echter altijd een kleine kans dat er dieren besmet met een infectieus agens aan de slachtlijn komen (bijvoorbeeld in de beginperiode van de uitbraak van de ziekte onder de dieren). Indien er volgens de Goede Praktijken wordt gewerkt zullen de risico’s van biologische agentia in voldoende mate worden afgedekt en ook in situaties van uitbraken afdoende zijn. Hygiënisch werken is daarbij één van de belangrijkste maatregelen, niet alleen naar het product toe (productveiligheid), maar zeker ook naar de werknemer (werknemersgezondheid).
Zolang er ten tijde van een uitbraak van ziekten onder pluimvee onzekerheid bestaat over het meekomen van een bepaald agens met het te slachten pluimvee, kan men voor de zekerheid de persoonlijke bescherming tijdelijk opschalen. In dat geval kan men bijvoorbeeld de aanhangers een zogenaamd gelaatsscherm met overdruk laten dragen; dit komt dan bovenop de geadviseerde werkwijzen zoals omschreven in de Goede Praktijken. Het wordt aangeraden in geval van twijfel gezondheidsklachten te (laten) registreren en contact op te nemen met de branche-organisatie of het sociaal secretariaat. Zij hebben contact met organisaties als het RIVM en VWA en het ministerie van VWS en Landbouw. Het is zaak om als bedrijf de eventuele aanvullende voorschriften die vanuit het VWA of de brancheorganisatie worden verstrekt goed na te leven.